Antwoord op de meest gestelde vragen n.a.v. uitzending Kassa
Zaterdag 7 maart besteedde het tv-programma Kassa opnieuw aandacht aan de handhaving op permanente bewoning van recreatiewoningen. In de uitzending kwam opnieuw een casus van onze gemeente aan bod.
Naar aanleiding hiervan heeft het college van burgemeester en wethouders opnieuw een reactie gegeven aan de redactie van Kassa. Hierin is aangegeven dat ons standpunt niet gewijzigd is ten opzichte van de vorige uitzending in maart 2025. Ook is aangegeven dat we geen verdere uitspraken doen omdat het een individueel dossier betreft.
Wel hebben we de redactie van Kassa aanvullend laten weten dat de rechtbank Zeeland-West-Brabant op 3 maart 2026 uitspraak heeft gedaan in deze zaak. De rechtbank oordeelt dat het college bevoegd was om handhavend op te treden en een last onder dwangsom op te leggen. Het beroep van de betrokken bewoners is ongegrond verklaard.
Hieronder leest u de antwoorden op de meest gestelde vragen over dit onderwerp.
Permanente bewoning van recreatiewoningen is volgens het omgevingsplan niet toegestaan. Als gemeente zijn wij verplicht om ons eigen beleid en de geldende regels te handhaven.
De gemeenteraad heeft in 2003 besloten om een zogenoemd uitsterfbeleid toe te passen. Dat betekent dat bestaande situaties uiteindelijk moeten worden beëindigd en dat nieuwe gevallen worden aangepakt.
Wij realiseren ons dat dit voor betrokken bewoners ingrijpend kan zijn. Daarom proberen we in handhavingstrajecten altijd zorgvuldig te handelen en rekening te houden met persoonlijke omstandigheden. Tegelijkertijd mogen we als overheid niet selectief handhaven.
De rechtbank Zeeland-West-Brabant heeft op 3 maart 2026 uitspraak gedaan in deze zaak.
De rechtbank heeft geoordeeld dat het college bevoegd was om handhavend op te treden en een last onder dwangsom op te leggen. Het beroep van de betrokken bewoners is daarbij ongegrond verklaard.
Dit betekent dat de rechtbank heeft bevestigd dat de gemeente in deze situatie volgens de geldende regels heeft gehandeld.
Ja. We begrijpen dat dit soort situaties veel impact kan hebben op bewoners.
Daarom krijgen betrokkenen in handhavingstrajecten meestal ruime begunstigingstermijnen (vaak tot een jaar) om een oplossing te vinden. In individuele gevallen wordt ook gekeken naar bijvoorbeeld betalingsregelingen en denken we actief mee over alternatieven.
Tegelijkertijd moeten we als gemeente zorgen voor gelijke behandeling en rechtszekerheid. Dat betekent dat we de regels op een consistente manier moeten toepassen.
Op dit moment is daar geen juridische basis voor. Gemeenten zijn verplicht om overtredingen van het bestemmingsplan of omgevingsplan te handhaven. De recente uitspraak van de rechtbank Zeeland-West-Brabant bevestigd dit.
Er wordt landelijk gesproken over mogelijke nieuwe regels rond permanente bewoning van recreatiewoningen. Deze regels zijn echter nog niet vastgesteld en het is nog onduidelijk wanneer ze eventueel ingaan.
Zolang die duidelijkheid er niet is, blijven wij het huidige beleid uitvoeren.